|
1. Waaruit bestaat het netwerk Natura 2000 ?
Natura 2000 is een communautair netwerk van natuurbeschermingszones, met als doel het voortbestaan op lange termijn van de meest bedreigde soorten en habitats in Europa
Het natuurbehoud is een probleem dat het kader van de afzonderlijke landen overstijgt. De migrerende organismen respecteren de grenzen niet. Veel van de in de regio's aanwezige habitats strekken zich uit over verschillende nationale grenzen en wanneer het rivierwater door vervuiling wordt aangetast, gaat het stroomafwaarts doorheen verschillende landen. Om die verschillende redenen is een aanpak op Europees niveau cruciaal.
2. Het beschermen van de habitats en de natuurlijke soorten
In Europa treft men een grote verscheidenheid van ecosystemen aan met duizenden verschillende planten, vogels, insecten en vissen. Dit is wat men de biologische diversiteit noemt. Jammer genoeg zijn bepaalde soorten erg zeldzaam aan het worden, of zijn ze zelfs met uitsterven bedreigd.
Dehabitat is de omgeving waarin een dier of plant leeft. Ze kan over het algemeen worden bepaald in termen van vegetatie en fysieke kenmerken.
In Europa werden er 2.500 verschillende habitats geïnventariseerd. Ze omvatten weilanden, rivieren, bergen, wildernissen, duinen en kliffen. Het merendeel van deze habitats ondergaat direct of indirect de impact van de mens en zijn activiteiten.
Veel van deze milieus bestaan uitsluitend door de aanwezigheid van menselijke activiteiten. Zo bestaan de maaiweiden enkel dankzij de maai- en weide-activiteiten. Hetzelfde geldt voor de pelouses calcaires (kalkachtige graslanden). Zonder menselijke activiteiten zouden dit bossen worden.
Spijtig genoeg verdwijnen er tal van habitats en sleuren ze in hun ondergang de planten- en dierensoorten mee die er leven.
Het lijdt geen twijfel dat onze levensstijl het landschap heeft veranderd en het aantal met uitsterven bedreigde soorten heeft doen toenemen. We weten ook dat de menselijke activiteit moet doorgaan, maar dit moet gebeuren met respect voor het milieu.
3. Waaruit bestaat het netwerk Natura 2000 nu precies ?
Natura 2000 is een communautair netwerk van natuurbeschermingszones dat werd gecreëerd krachtens de Richtlijn « Habitats » van 1992, waarvan het doel is het behoud van de belangrijkste natuurzones in Europa. Dit netwerk omvat Speciale Instandhoudingszones (SIZ) die door elke staat worden bepaald in overeenstemming met de Richtlijn van 1992, evenals Speciale Beschermingszones (SBZ) die door de staten worden bepaald in overeenstemming met de Richtlijn « Vogels » van 1979.
De Richtlijn « Habitats » bepaalt 200 types van habitats en 700 soorten van dieren en planten die van communautair belang zijn en representatief voor de 6 Europese biogeografische zones (territorium met een fauna en een flora en een biologisch milieu die allemaal worden bepaald door ecologische factoren zoals het klimaat, het reliëf en de geologie).
De Richtlijn « Vogels » bevat 181 vogelsoorten die kwetsbaar zijn en waarvan de habitats moeten worden beschermd. Diezelfde richtlijn erkent ook de noodzaak van het behoud van de zones die belangrijk zijn voor de trekvogelsoorten en in het bijzonder de moerassige habitats.
De keuze van de sites die worden opgenomen in het netwerk Natura 2000 gebeurt door elk van de lidstaten van de Europese Unie, die dan de sites moet bepalen waar de verschillende habitats en soorten zich bevinden. Deze sites moeten ook beantwoorden aan heel precieze selectiecriteria.
4. Het installeren van Natura 2000 in het Waalse Gewest.
4.1 Algemene situatie
Naar het voorbeeld van de andere lidstaten van de Europese unie werkt het Waalse Gewest actief mee aan de installatie van het netwerk Natura 2000.
De eerste stap betrof de wetgeving. Inderdaad, zoals alle Europese Richtlijnen moest ook deze naar het regionale recht worden vertaald om van toepassing te kunnen zijn.
Deze tekst gaf aanleiding tot het decreet Natura 2000 van 6 december 2001.
De tweede stap bestond erin de lijst op te stellen van de sites die het Waalse Gewest aan de Europese Unie zou voorstellen. Deze lijst moet aan verschillende criteria beantwoorden en deze sites moeten de soorten en habitats herbergen die van communautair belang zijn. Het Waalse Gewest heeft zijn lijst van kandidaat-sites voorgelegd op 26 september 2002.
Deze lijst omvat 231 sites die een biologisch belang hebben en een oppervlakte dekken van ongeveer 217.650 hectaren, ofwel 13% van het Waalse grondgebied.
1.Van de 217.650 ha die werden voorgesteld is de provincie Luxemburg goed voor 44%, Namen voor 26%, Luik voor 18%, Henegouwen voor 10% (22.885 ha) en Waals Brabant voor 2% ( 4697 ha).
2. 75% is bossen. Meer dan de helft wordt reeds beheerd door het Waalse Gewest.
De verdeling per soort : 70% loofbomen en 30% naaldbomen.
25 % zijn open zones ( weilanden, moerassen, venen, waterlanden…), waarvan 32.000 ha landbouwzones

Verdeling per soort van habitat.
3. Onder de 200 soorten van habitats van zogenaamd communautair belang, die erkend zijn door de bijlage van de Richtlijn
« Habitats » van 1992, zijn er 44aanwezig in het Waalse Gewest, waarvan er 10 prioritair zijn. Al de sites die een prioritaire habitat hebben, moeten in het netwerk Natura 2000 worden opgenomen.
Tot die habitats behoren : de landduinen, de droge en vochtige heide, de kalkachtige graslanden, de esdoornbossen met grasland met borstelgras, de kalkachtige gesteenten en de alluviale bossen.
Voor wat de soorten van communautair belang betreft, zijn er 31 aanwezig in het Waalse Gewest (7 soorten van vleermuizen, enkele vissen : de bittervoorn, de lamprei, de donderpad, de kamsalamander...) Er leven geen prioritaire soorten in het Waalse Gewest.
4.2. Het decreet van 6 december 2001.
De sites van Natura 2000 worden aangeduid door een aanwijzingsbesluit dat verschillende gegevens omvat. Ze kunnen genieten van de installatie van een actief beheersplan. Een Commissie voor de Instandhouding zal waken over het goede verloop van de acties en over de staat van instandhouding van de site.
De organisatie van de beheersplannen gebeurt via de afsluiting van actieve beheerscontracten, een contrat dat wordt ondertekend door alle eigenaars, huurders of beheerders van de site.
Er wordt steun toegekend aan de eigenaars en bewoners van een « Natura 2000 »-site. Deze hulp bestaat voor de eigenaar uit een vrijstelling van zowel de onroerende voorheffing en van de successierechten en de rechten op overdracht wegens overlijden.
Subsidies worden toegekend voor de uitvoering van maatregelen die door het plan zijn voorzien.
5. De Natura 2000-sites op het grondgebied van het natuurpark van de Hauts-Pays.
Het natuurpark van de Hauts-Pays beschikt over 3 Natura 2000-sites :
- Het bos van Colfontaine ;
- De vallei van de Trouille ;
- De Hauts-Pays van Honnelles.
Het grondgebied van het natuurpark neemt een totale oppervlakte van 15.977 hectaren in beslag waarvan er 1.840 hectaren in het netwerk Natura 2000 zijn opgenomen, ofwel 11,5% van het grondgebied van het park.
Om toegelaten te worden tot het netwerk Natura 2000, moeten deze sites beantwoorden aan heel strikte, wetenschappelijke selectiecriteria, die in verschillende bijlagen van de Richtlijn « Habitats » worden aangegeven.
Eén van deze criteria is dat de site habitats, soorten en habitats van soorten met een communautair belang moet herbergen.
Een habitat of een soort van communautair belang is ofwel een habitat ( of een soort) die representatief is voor één van de biogeografische regio's, of een habitat (of een soort) die in gevaar is
Het bos van Colfontaine
Het bos van Colfontaine strekt zich uit over 4 gemeenten : Colfontaine, Dour, Frameries en Boussu en beslaat een totale oppervlakte van 841 hectaren.
De site werd voornamelijk gekozen voor haar bosrijk karakter. Er zijn 2 habitats van communautair belang waaronder een goed vertegenwoordigde prioritaire habitat : de alluviale bossen.
De site herbergt ook vogelsoorten die hun nesten in de bossen bouwen zoals de middelste bonte specht en de zwarte specht.
De alluviale bossen omvatten het overstroombare deel van de bedding van de waterlopen op recente aanslibsels, die regelmatig onderhevig zijn aan een hoge waterstand.
Ze worden in de dynamiek afgewisseld door de struikachtige wilgenbosjes van de oeverbossen. De oppervlakte van deze bosgebieden is vaak heel klein. Het gaat vaak om heel smalle stroken.
De spechten
De familie van de spechtachtigen omvat niet minder dan 171 soorten ( de grote bonte specht, de groene specht, de grijskopspecht, de middelste bonte specht). De spechten verraden hun aanwezigheid door het voortbrengen van geluiden ( roffelen) en door de « schade » die ze veroorzaken aan de bomen (nestgaten, hameren).
De spechten hebben zich goed aangepast aan het bosmilieu:
- Om in de bomen te klimmen beschikken ze over korte poten voerzien van krachtige spieren en over 2 tenen vooraan en 2 achteraan. De staart is kort en stevig en dient als steun- en afzetpunt om op de verticale takken te springen.
- Om zich te voeden en op te bomen te roffelen hebben ze een sterke, harde bek en hun kop is groot en heeft een sterke nek. De tong is erg beweeglijk. Een systeem van spieren en ligamenten zorgt ervoor dat ze die heel ver kunnen uitsteken. Deze tong is voorzien van weerhaken, die worden gebruikt om de larven uit de kern van de stam te halen.
De zwarte specht is de grootste Europese specht. Zij is zo groot als een kraai en heeft zwarte veren. Zij heeft een rode kruin. Het is een soort die men voornamelijk in streken met een zeeklimaat aantreft. Zij woont meestal in de bergen, in het zuiden van het verspreidingsgebied van de spechten.
Sinds de vorige eeuw verspreidt ze zich ook naar het Westen en over de vlakten. Vandaag is de specht aanwezig in de grote Waalse bossen (behoefte aan rustige, grote territoria)
Ze zoekt over het algemeen bossen met een mengeling van loof- en naaldbomen. Ze verkiest de beuken om er haar nest te maken en de naaldbomen om er zich te voeden.
Ze is in staat om haar habitat te wijzigen en om haar nest te maken in ander beplantingen dan een beuk of buiten een bos wanneer de voedselomstandigheden in de buurt uitstekend zijn.
Haar dieet omvat voornamelijk mieren en houtetende insecten.
Het is een sedentaire soort, behalve in de zomer wanneer zij de nacht doorbrengt in een holte en overdag vaak verschillende kilometers ver vliegt om zich te voeden.
Deze soort wordt bedreigd door de verwijdering van dode bomen en bijgevolg door het verdwijnen van holten voor nestbouw.
Om concurrentie te vermijden, verdelen de verschillende spechtensoorten de bosruimte volgens hun ecologische voorkeur op vlak van klimaat, hoogte en boomsoorten. Verschillende soorten kunnen samenleven en in dit geval verschillende voedselbronnen gebruiken.
De middelste bonte specht
Dit is een andere soort die men eveneens in bosrijke gebieden terugvindt. Ze houdt van grote bomen (eik) en van dood hout. Ze leeft in het bovenste gedeelte van de bomen en maakt haar nest in rottende bomen
De gevaren die haar bedreigen zijn voornamelijk het niet voorhanden zijn van dood hout en van grote bomen.
Voor alle bijkomende informatie, kunt u contact opnemen met :
Ethel Dupont - Centre Natura 2000 de Mons
Rue des Gaillers, 7 7000 Bergen
Tel. : 065/401142
E-mail : natura2000.mons.dgrne@mrw.wallonie.be
|